Onze Dame staat in lichterlaaie. Niet onze, maar hun dame. In Frankrijk, in de hens. Frankrijk houdt de adem in. Mensen zingen en bidden. Ik begrijp het niet. Ben ik te autistisch voor. Gebouwen begrijp ik niet. Voel ik niet. Ben geen Thierry Baudet. Gelukkig. Mensen begrijp ik ook niet.

 

Als je zegt dat 12 kinderen aan een nog onbekende ziekte lijden. Er geen medicijn is, geen wetenschap over de ziekte. Geen interesse, omdat er geen geld voor is. Als men juicht bij weer een maanlanding en niemand reageert als 12 kinderen aan hun lot worden overgelaten, omdat men nog geen stap gezet heeft op het pad, dat geen geld genoeg oplevert.

De Notre Dame staat in de fik. Boeiend. 

 

Vandaag heb ik geknield voor een Kievitsbloem die bezocht werd  door een akkerhommel. Het was standje 69 met de stamper. De hommel hing tussen hemel en aarde, dichter bij de aarde, hij zou niet vallen, hij was bezig met zijn lunch en zijn werk tegelijk. Multi-tasking.

Er vlogen wat Oranjetip vlinders rond. Een paar Gehakkelde Aurelia's en Dagpauwogen. Stuk of drie Icarus Blauwtjes. 

Dat de bijen, en de natuur in zijn geheel achteruit gaan, daar zouden we om moeten bidden en zingen.

 

De glanzend blauwe Elzenhaantjes waren er ook weer in groten getale. 

 

Dat mensen geen medicijnen krijgen, als het niet loont, omdat er maar weinig patiënten zijn of omdat het oorlog is, of in gebieden waar overstromingen zijn en mensen verstoken zijn van water en medicijnen. Daar zouden we om moeten huilen, bidden, zingen, de haren uit de kop trekken. Of als mensen het niet kunnen betalen. Huilen om Mozambique, dat kan ik begrijpen.

 

De Notre Dame is nu al gedoopt als niet alleen een ramp voor Frankrijk, maar ook voor Europa, en zelfs, een mondiale ramp. De wereld is gek geworden. Als je niet meedoet aan de gekte, word je het wel. 

 

Leve de Paardebloemen, ze zijn elk jaar weer een wonder van schoonheid en functionaliteit. 

Grauwe ganzen vlogen weer lawaaierig rond. Een Fuut tufte voorbij, als altijd, onverstoorbaar. Achter zijn snavel aan. Twee eenden aan de waterkant. Zei de ene eend tegen de andere, moeten we niet eens wegvliegen? Nee, gaaaap, nu even niet. 

 

Het leven gaat altijd door. Soms neemt het onverwachte wendingen. Iedereen kan gemist worden. Gebouwen helemaal. 

Enige dat onmisbaar is, is de Paardebloem.