Het vijfdelig kaasjeskruid (Malva alcea) is een plant uit de kaasjeskruidfamilie (Malvaceae). De plant heeft vijflobbige bladeren. De bloem bestaat uit vijf kroonbladen.

Het is een kruidachtige, vaste plant, die in Nederland en België vrij zeldzaam is. De plant komt voor in de Betuwe en in de kuststreken. Vijfdelig kaasjeskruid staat op de Belgische Rode Lijst van planten als zeldzaam tot zeer zeldzaam. Vijfdelig kaasjeskruid wordt ook als sierplant gebruikt, waarbij er zeven tot negen per m² moeten worden geplant. Er komen dan ook veel verschillende cultivars voor.

De wolfspoot (Lycopus europaeus) is een overblijvende, waterminnende plant uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae).

Gekweekte ooievaarsbek, gekregen van een buurman.

Wilde ooievaarsbek, is ook een stuk kleiner.

Hemelssleutel begint in september te bloeien.

Waterviolier (Hottonia palustris) is een plant met ondergedoken bladeren die voorkomt in ondiepe wateren. De soort is een indicator voor kwel en verdraagt veel schaduw. De waterviolier is de enige Nederlandse vertegenwoordiger van het geslacht Hottonia, dat wereldwijd nog één andere soort telt: Hottonia inflata uit Noord-Amerika. Het geslacht is vernoemd naar Pieter Hotton (1648-1709), Leids hoogleraar en de voorganger van Boerhaave.

Het (knikkendwilgenroosje (Chamerion angustifolium (L.HolubsynoniemChamaenerion angustifolium (L.) Scop.basioniemEpilobium angustifolium L.) is een overblijvende, kruidachtige plant uit de teunisbloemfamilie (Onagraceae). De Nederlandse naam wilgenroosje is afgeleid van de gelijkenis van de bladerenmet die van wilgen. De soortaanduiding angustifolium betekent smalbladig.

Koninginne(n)kruid of leverkruid (Eupatorium cannabinum) is een plant uit de composietenfamilie (Asteraceae). De soort wordt 30-170 cm hoog en groeit op vochtige plaatsen, bijvoorbeeld in ruigtes, aan waterkanten, in moerassenrietlanden en vochtige bossen.

De grote kattenstaart (Lythrum salicaria) is een vaste plant uit de kattenstaartfamilie (Lythraceae). De soortaanduiding salicaria betekent: met blad dat lijkt op een wilgenblad.

Dophei (Erica) is een geslacht van planten uit de heidefamilie (Ericaceae).

Alle leden van het geslacht hebben kleine altijdgroene, naaldachtige bladeren van 2-15 mm lang in kransen van drie of vier. De viertandige bloemkroon met vrije meeldraden is omgegeven door een groene kelk (vleeskleurig bij Erica carnea). Erica sicula heeft meestal een vijftandige bloemkroon.

De gele lis (Iris pseudacorus) is een plant uit de lissenfamilie (Iridaceae). Het is een 0,8–1 m hoge oeverplant van zoet, stilstaand of langzaam stromend water. De plant groeit in water dat tot zo'n 30 cm diep is.

Het knoopkruid (Centaurea jacea) is een kruidachtige plant uit de composietenfamilie (Compositae oftewel Asteraceae). Een synoniem is Centaurea thuillieri.

In Nederland (met uitzondering van Drenthe) en Vlaanderen is het een algemene plant van bermen en andere ruderale plaatsen.

De overblijvende plant wordt 30–70 cm hoog. De bovenste bladeren zijn ongedeeld en staan afwisselend langs de stengel. De onderste bladeren zijn meestal bochtig tot veerspletig.

Teunisbloem (Oenothera) is een geslacht van zo'n 125 soorten eenjarige, tweejarige en vaste planten uit de teunisbloemfamilie (Onagraceae). De soorten komen van nature voor in Zuid- en Noord-Amerika, maar zijn ondertussen ingeburgerd in vele landen.

Het geslacht is verwant aan het wilgenroosje. Veel soorten zijn nachtbloeiers en hebben de gewoonte de bloemen 's avonds in de schemering te openen. De knoppen ontvouwen zich in enkele minuten tot bloemen. De volgende dag verwelken ze, maar 's avonds gaan weer nieuwe bloemen open, zo wekenlang. Ze worden door nachtactieve insecten bestoven.

Lupine (Lupinus) is een geslacht uit de vlinderbloemenfamilie (Fabaceae). Het geslacht telt zo'n 200 soorten[1] en kent vele hybriden en cultivars. In Noordwest-Europa komt alleen de vaste lupine (Lupinus polyphyllus) in het wild voor. Deze soort is in de 19e eeuw uit Noord-Amerika ingevoerd.

De meeste lupines zijn paars, wit en roze gekleurd, maar ook geel is geen uitzondering. Door kruisingen zijn ook combinaties van deze kleuren mogelijk. Lupines houden niet van kalkrijke grond. Ze hebben voorkeur voor zure tot neutrale grond.

De rode klaver (Trifolium pratense) is een overblijvend kruid uit de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae ofwel Fabaceae). De rode klaver komt in het wild voor in heel Europa en in noordelijk en Centraal-Azië; zuidelijk vanaf het Middellands Zeegebied tot aan de Noordpoolcirkel. De rode klaver heeft zich ook in Noord-AmerikaAustralië en Nieuw-Zeeland gevestigd.

Braam is het plantengeslacht met de wetenschappelijke naam Rubus. Het is ook de naam van de vruchten van enkele belangrijke vertegenwoordigers van dit geslacht. Dit artikel behandelt beide begrippen.

De speerdistel (Cirsium vulgaresynoniemCirsium lanceolatum) is een plant uit het geslacht vederdistel.

Havikskruid (Hieracium) is een geslacht uit de composietenfamilie (Asteraceae). Er zijn bijzonder veel soorten (zie onderstaande lijst) die moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. De planten groeien voornamelijk op beschutte plekken, zoals in bossen. Nu volgt een beschrijving van de kenmerken van het ondergeslachtHieracium.

Het robertskruid (Geranium robertianum), vroeger ook wel stinkende ooievaarsbek genoemd, is een tweehuizige plant uit de ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae). Het is een een- of tweejarige, tot 50 cm hoge plant. De naam robertskruid zou of afgeleid zijn van de kleur rood of van Robert van Molesme die in de elfde eeuw dit kruid als geneesmiddel aanbeval.

Eendagsvlieg op zuring.

De pinksterbloem(Cardamine pratensis), is een plant uit de kruisbloemenfamilie. De soort is inheems en algemeen in Nederland en België.

De Amerikaanse vogelkers of bospest (Prunus serotina) is een plant uit de rozenfamilie (Rosaceae). De soort is in Nederland en België geïntroduceerd en vanaf de jaren twintig van de twintigste eeuw als vulhout in de bossen aangeplant.

Het harig wilgenroosje (Epilobium hirsutum) is een 0,8-1,8 m hoge, algemeen voorkomende, vaste plant uit de teunisbloemfamilie (Onagraceae).

De zachtbehaarde stengel draagt 6-12 cm lange, langwerpige bladeren. De bladeren zijn meestal tegenoverstaand, terwijl het middelste blad vaak stengelomvattend is. Ook de bladeren zijn zachtbehaard.

De bloemen hebben een diameter van 1,5-2,5 cm, vier uitgerande, licht- tot donker magenta kroonbladen en een vierspletige stempel. De plant bloeit van juni tot september.

Het madeliefje (Bellis perennis) is een kleine vaste plant uit de composietenfamilie (Asteraceae) die tot 15 cm hoog wordt. De naam Bellis perennis betekent eeuwige schoonheid of 'alle jaren mooi'. Bellis is afgeleid uit het Latijn en betekent mooi, perennis betekent "overjarig" (vaste plant). De Nederlandse naam Madeliefje is mogelijk afkomstig van maagde-lief, omdat het bloempje vroeger in verband werd gebracht met de heilige maagd Maria.

De witte klaver (Trifolium repens) is een vaste plant uit de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae), die zijn naam te danken heeft aan de overwegend witte kleur van de bloeiwijzen. Het is een bekende soort die voorkomt in graslanden, op gazons en in wegbermen. De soortsaanduiding repens is Latijn voor "kruipend", een verwijzing naar de kruipende stengels. Net als bij andere klaversoorten bestaat het blad uit drie deelblaadjes. Soms komen er planten voor met vier deelblaadjes, het (klavertjevier), dat geluk zou brengen door het te plukken of aan te raken.

De Gewone rolklaver (Lotus corniculatus var. corniculatus) is een algemeen voorkomende, vaste plant uit de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae). De naam rolklaver is aan de plant gegeven vanwege de ronde peulen. 

Bezocht door een St.Jansvlinder.

BrandnetelUrtica, is een plantengeslacht, waarvan in Nederland en België de grote brandnetelUrtica dioica en de kleine brandnetelUrtica urens, voorkomen. Het geslacht kent tussen de 30 en 45 soorten, waarvan er 4 in Midden-Europa voorkomen. Via import wordt nu regelmatig de Zuidelijke brandnetel (Urtica membranacea) gevonden.

De pinksterbloem, (Cardamine pratensis), is een plant uit de kruisbloemenfamilie. De soort is inheems en algemeen in Nederland en België.

Maak een Gratis Website met JouwWeb