De reuzenchampignon (Agaricus augustus) is een schimmel uit de stam der steeltjeszwammen. Het relatief grote vruchtlichaam is een eetbare paddenstoel en komt voor in een groot aantal biotopen, waaronder loof- en naaldbossen.

Het vruchtlichaam van de reuzenchampignon is, zoals de naam aangeeft, een relatief grote paddenstoel. De hoed is aanvankelijk eivormig en groeit uit tot breed gewelfd en vervolgens plat, met een uiteindelijke doorsnede van maximaal 22 centimeter. Het witte tot geelbruine oppervlak is bedekt met een droge waslaag met kastanjebruine vezelige schubben. De vrijstaande lamellen zijn aanvankelijk wit en bedekt met een broze, witte velum partiale met donkergekleurde wratten. Na rijping verdwijnt het velum, worden de lamellen roze en uiteindelijk donkerbruin.

De witte, knotsvormige steel is tien tot twintig centimeter hoog en heeft een doorsnede van twee tot vier centimeter. Het restant van het velum partiale vormt een grote, witte ring ring op de steel. Onder deze ring is de steel bedekt met kleine schubben, die na verloop van tijd bruin kleuren. De steel steekt meestal diep in de bodem en is soms gedeeltelijk hol.

Het witte vlees is stevig en dik en verkleurt na beschadiging geel of rood. Het heeft een schimmelige smaak en een sterke, nootachtige geur die doet denken aan die van amandelen of anijs. Vermoedelijk wordt deze veroorzaakt door benzaldehyde en benzylalcohol, twee stoffen die in het vlees voorkomen.

Maak een Gratis Website met JouwWeb