Na een maand quarantaine, waar zijn we nu?

zaterdag 18 april 2020

11:13

Na een maand quarantaine…Wat is er gebeurd? Te veel. Hoe staan de zaken er nu voor? Bij ons grotendeels gelijk. Niks aan de hand. Hoewel. Te veel. Zelfs als er niks aan de hand is. Dat is me nou toch ook wat.

Een broer (in de dertig) van een vriendin was goed ziek en is gelukkig weer beter. Het zoontje vierde zijn tiende verjaardag met een feestje op de parkeerplaats op anderhalve meter van elkaar en oma gebak in een auto etend en veel verjaardagskaarten gevraagd van kennissen, vrienden en familie, ter compensatie.

 

Onze kleinzoon op de parkeerplaats bij ons gezien, met onze dochter. Hij wilde uit de rolstoelfiets, naar binnen bij opa en oma. Nee, dat kan nu niet Stijn. Uitleg zachtjes en dringend, de tranen bevochten van beide kanten, hij van binnen, zij van buiten en ik kon ook wel janken, maar je vermant je.

Het was koud en een kille wind omhelsde ons. Na een kwartiertje braken we op, elkaar in de lucht omhelzend.

De anderhalvemetermaatschappij, (ik voeg dit woord maar even aan de woordenlijst toe) de anderhalvemetermaatschappij, dat ben jij. En jij. Wij allemaal, tot hoe lang? Waar is het einde van deze nachtmerrie. Het is geen vraag, daarom geen vraagteken, want niemand weet het.

 

Het kan nog vijf jaar duren, zei iemand. Ergens. O, je hoort en leest zoveel.

Vijf jaar, onder de Duitsers was erger. We kunnen dit. Mijn hart stond zowat stil toen ik het hoorde.

Mijn God!

 

Het nieuwe boodschappen doen begint nu te wennen. Al vind ik het soms nog te druk. Jumbo heeft nu pijlen op de vloer gezet, merkte ik de laatste keer, eergisteren, dat ik daar was en al bijna weer bij de kassa was aangeland.

Ow, pijlen op de vloer. Aha. Eenrichtingsverkeer, oké, goed, het was mij niet eerder opgevallen. Sorry. Ik was bezig met mensen vermijden en producten lokaliseren. Vinden. Haha. Voel me net als in een game. Ik ben een poppetje in een game en moet andere poppetjes vermijden anders ben ik af. Poef! Weg!

 

Intussen moet je proberen je hele boodschappenlijstje af te werken. Dat lijstje zit in mijn telefoon, want ik ben een moderne oudere. Ik kan rustig videobellen als ik opgesloten word in een verzorgtehuis. Behalve als ik dement ben. Dan is het te laat. Moet er iemand met me meekijken, mij de telefoon aangeven, die moeten de hulpverleners dan bij zich dragen. ( Dit stel ik mij voor, naar aanleiding van dit artikel bij RTLnieuws)

Gaat ie af, één van de tien telefoons die ze in een tas mee sjouwen. Even kijken, oh, het is ene Ton die zijn vrouw belt. Hop, naar de kamer, hallo mevrouw, uw man wil u even gedag zeggen. Huh? Waar is mijn man. Ton? Ik ken geen Ton. Waar is een ton, wat moet ik met een ton? Ik lust geen haringen, dat weet u toch wel. Vooral niet met uitjes. Dat is zo goor. Nee, mevrouw, uw man wil met u videobellen op deze telefoon, kijkt u maar. Pfff. Ben je zo weer een kwartier verder. Dan moet de verzorger erbij blijven staan, want als ik dat ding dan uit mijn handen laat vallen en weer probeer op te rapen, flikker ik voorover de pot in van de vingerplant die zich doodstil houdt in de hoek.

 

Dan grijp ik die vermaledijde telefoon en druk daarbij ongemerkt op toetsen waardoor het beeld van mijn geliefde verdwenen is. Ik denk dan, hé, waar is Ton nou? Ach, ik lijk wel gek. Natuurlijk zit mijn man niet in dit ding. Dat kan helemaal niet. Was hij trouwens niet al overleden, of was dat mijn zus? Had ik wel een zus. Had ik wel een man? Hoe heette hij ook alweer? Wat doet die vingerplant hier in mijn huis? En al die aarde over de vloer. Waar blijft de schoonmaakster?

 

Mijn moeder vond de bediening in het restaurant van verzorgingstehuis De Bleerinck slecht. We zaten toen buiten, onder een parasol. Mijn moeder met een sigaret die zie met de neus in de lucht en de benen over elkaar geslagen als een hele dame op zat te roken. Haar favoriete houding, al vanuit Indië. Er was ook helemaal geen bediening, alleen zelfbediening. Geen baboe of djongos, (geen kanon, zoals in dat Indische grappige verhaaltje, voor wie dat kent) er was niks. Ja, er was een parasol.

 

Ik ben dus wel gewend aan een telefoon met gadgets, maar dat wordt mij nu ook al teveel. Ergens als een vluchteling in een hoekje mijn notities raadplegen over closetpapier. Pardon, mag ik er even bij? vraagt dan weer iemand vanaf anderhalve meter afstand. Ja hoor. Moest even checken of ik nog wc-papier bij moet kopen.

 

Gedoe. Het wordt je snel teveel als je ouder wordt. Ik hoor volgens de ene informatie bij de kwetsbare ouderen. Zestig plus. Volgens andere winkels hoor je daar pas bij zeventig plus bij. Ik weet dan niet of ik ook op het ouderen uurtje mag komen winkelen.

 

Dan is het rustiger. Waarschijnlijk moet ik dan mijn ID laten zien haha. Draag het ding toch altijd voor niks mee.

 

In elk geval zit aan mij een zeer kwetsbare oudere vast. Als ik corona krijg, krijgt hij het ook.

En daar moet ik niet aan denken! Verdomme, doe ik het toch. Elke minuut, als ik niet bezig blijf.

Gelukkig wonen wij in een provincie waar het het minst voorkomt. Ik zag aldoor het getal 13 op de intensive care en vandaag het getal 7 voor het aantal coronadoden (ook maar aan de woordenlijst toevoegen) in mijn dorp, in staatjes. Klik je plaats aan en hop, u weet wat u te wachten staat.

 

Het Noorden is ook veel verstandiger bezig geweest, al gelijk, nog voor de troepen van het RIVM uit.

De troep van het RIVM. Heb er geen enkel vertrouwen meer in. En Rutte en de zijnen lopen achter de rokken aan van moederoverste van beDissel. Lang niet alleen ouderen worden er ziek van en immuniteit is als groep helemaal niet op te bouwen. Ons leven zal afhangen van vaccins en een medicijn, die er nog niet zijn. Er wordt wereldwijd gelukkig knetterhard aan gewerkt. 

 

Voordat ik afdwaal. Dat winkelen begint wat te wennen. De Lidl app gebruik ik niet meer. Dan maar geen kortingen, want dat is een gedoe. Doet ie het of doet ie het niet, dwars door het plexiglas heen?

 

Kleine dingen, die nu extra lastig aanvoelen. 'Gevoelstemperatuur', zeg maar, maar nu van de dingen die gebeuren.

Je kan gewoon minder hebben. Ondanks dat alles went. Zei mijn vader, altijd. Alles went, zelfs hangen.

 

Nou, dat weet ik niet. Er hangt van alles boven ons aller hoofden, als een zwaard van Damocles. Vele zwaarden. Van alle kanten. Dat bedrijven failliet gaan wisten we al heel lang. In ons dorp en alle dorpen in het land, staan winkelstraten vaak half leeg. De webwinkels zouden de schuld zijn. De consumenten vooral.

Maar gelukkig zijn er nu webwinkels. Zonder die webwinkels was het nu met ons gedaan. Ik dacht eerst hoera, we kunnen bij Jumbo boodschappen bestellen en laten bezorgen, maar ja, dat duurt geloof ik inmiddels een week tot het er is.

 

Onze dochter kon gewoon thuis werken toen ze verkouden was. Ze is ook alweer terug op werk. Wat zelfs voor alzheimer-light personen als ik verwarrend is. Je staat nu allemaal in de 'mode', de situatie is onherroepelijk veranderd. Het is niet anders. Aanpassen. Oppassen, handen wassen. Dus als zij zegt, ik moet nu thuis werken, is dat in mijn hoofd gelijk iets permanents. Onder de huidige omstandigheden bestaat flexibiliteit niet meer. Niet in een hoofd, zoals ik heb haha.

 

Van bovenaf is er een matrix op ons neergedaald waarin alle vloeibaarheid vast is gezet. Aan de andere kant is het nog nooit zo vloeibaar geweest. Toyota die het Rode Kruis gaat helpen, bijvoorbeeld. Mensen die dingen doen en bedenken waar ze anders nooit mee bezig geweest zouden zijn. Dat is zo mooi.

Onder druk wordt alles ook weer vloeibaar. Maar eerst is er die druk, die compressie, de samenpersing, de benauwdheid, de angst die alles verstijft, als ijs over de bloesems in de lente.

 

Kortom, het is chaos. Niks is meer wat het was, ik ben mezelf niet of al die jaren nooit geweest…Alles om me heen lijkt hetzelfde terwijl mensen binnenskamers janken, ijsberen door woningen, de haren uit hun kop trekken omdat hun zaak is ingestort, of op instorten staat. En zij zelf ook.

 

Dat gebeurt al jaren, maar nu voelt iedereen de ellende ook van die ander.

Ook van de mensen in Afrika, die na ebola nu wachten op corona. Die helemaal geen mondkapjes hebben of iets te eten.

Maakt WWF en WNF zich zorgen over de natuur. Daar worden ze voor betaald. En wellicht is het zorgelijk, maar niet meer dan anders. Mensen moeten eten ja. Hun kinderen moeten eten.

 

Alles is anders. Het is niet anders. Dat is de nieuwe werkelijkheid.

Ver van mijn bed bestaat niet meer. Alles is nu dichtbij. Je kijkt constant door een heel sterke verrekijker.

Zo voel ik het dan.

 

Zo staan de zaken. Wij hebben geen zaken, maar alle zaken zijn ook onze zaken. Ook al zitten we betrekkelijk veilig in het noorden des lands, wij pensionado's, toch, als de wereldeconomie in elkaar stort, zijn we nergens meer. Dan gaan we allemaal, allemaal.

 

Daar moet je dus niet over nadenken. Wij maken ons zorgen over ons belastingformulier. FNV kan ons nu niet helpen, maar wie wel. Met veel moeite en stress zorgtoeslag aanvraag voor elkaar gekregen. Dat geeft ons wel moed voor het volgende punt. Maar dit is niks vergeleken bij die mensen met nieuwe bedrijven, zonder buffer, die nu geen overheidssteun zullen krijgen. Alle mensen die van alles moeten aanvragen en wachten.

 

Ons probleem is peanuts. Al maakt het mij nuts. We zullen er aan moeten geloven, net zoals het Hello festival er nog niet aan geloven wil dat het niet door kan gaan in juni, moeten wij eraan geloven dat we dit zelf moeten tackelen. Uitstel is aangevraagd, zoals FNV adviseerde.

 

Misschien kunnen ze ons tegen die tijd, voor 1 september, helpen via videobellen.

Misschien valt het allemaal wel mee, als je er voor gaat zitten.

Net als met de zorgtoeslag. De pc op de tv aangesloten. Tuintafeltje erbij. Twee stoelen. Papieren voor onze neus en vraag voor vraag tot het einde.

 

Zo maken we ons nog altijd druk om niks. Ik vooral. Maar hij is als puntje bij paaltje komt ook niet stress vrij, alles behalve.

 

Ze zeggen dat we er als samenleving sterker uit gaan komen.

Als individuen wellicht ook, als je tijd van leven krijgt, bij leven en welzijn. Leve de clichés.

 

Positief blijven denken. We zitten hier hoog en droog.

Te droog in Drenthe. Maar dat is weer een ander verhaal.

 

Ik weet nog vaag het gevoel van voldoening, in het pre-corona tijdperk, toen ik las dat er voldoende regen was gevallen in de wintermaanden om straks de droge tijd tegemoet te zien.

Maar nu is het alweer te droog.

Ook dat was dus een wassen neus.

Al waren we zonder de bereikte grondwaterstand nog verder van huis geweest.

 

We zitten hier nog goed en nemen elke dag maar een voor een. One day at a time, sweet Jesus.

Heb zelfs naar The Passion gekeken, of schreef ik dat al eens, de tweede helft. Bij gebrek aan voetbal, za'k maar zeggen.

Meestal zijn die voetbalwedstrijden ook pas spannend na de pauze.

 

Het was een compilatie, dus ik heb ze in een klap allemaal gezien. Valt me mee. En gaf het enig troost? Nee, eigenlijk niet. Net als een suikerspin. Even zit je er lekker in. Genieten van emoties van liefde, ellende en leven als in een soap opera. Van buitenaf iets binnenhalen zodat je even iets verhevens voelt.

Iets dat je verheft boven het aardse gedoe. Vlucht.

Dat hebben we nodig. Maar het is er niet in de werkelijkheid.

Zelfs de dominee zal zich nu misplaatst voelen.

 

Zou alles ooit weer op de plaats komen waar het eens was?

Waar zijn we nou?

 

Mijn natuurfoto's van gisteren, vrijdag 17 april 2020 staan hier

 

En een paar hieronder. Ook ben ik zeer druk geweest met foto's van de dagen daarvoor, die moet ik nog plaatsen.

Het Oranjetip vrouwtje ligt klaar voor het mannetje. De natuur doet intussen gewoon haar ding.

Berk

Blauwtje in je tuin? Boomblauwtje!

dinsdag 17 april 2018

 

Het vlindervoorjaar is begonnen en de popoverwinteraars komen massaal tevoorschijn. Er komen bij De Vlinderstichting veel meldingen binnen van vliegende blauwtjes in de tuin die men niet op naam kan brengen. Dat is nu echter geen probleem, want het boomblauwtje is het enige blauwtje dat nu actief is.

De Vlinderstichting

Maak een Gratis Website met JouwWeb